Aangezichtsverlamming

Deze pagina heeft tot doel u informatie te geven over de aangezichtsverlamming. De tekst is bedoeld als ondersteuning van het consult door de arts (huisarts, KNO-arts en/of neuroloog) en dient niet als vervanging van een consult. Bedenk bij het lezen dat uw gezondheidssituatie anders kan zijn dan in de tekst wordt beschreven.

Inleiding

Bij een aangezichtsverlamming functioneert de aangezichtszenuw (nervus facialis) onvoldoende of helemaal niet meer. De spieren van het aangezicht, meestal aan 1 kant, kunnen daardoor niet (goed) meer bewegen. Mensen vertonen dan een “scheef” gezicht. Een aangezichtsverlamming kan volledig (paralyse) of onvolledig (parese) zijn. Bij een onvolledige verlamming zijn de aangezichtsspieren beperkt beweeglijk. Zo’n onvolledige verlamming kan zich binnen enkele dagen toch nog ontwikkelen tot een volledige verlamming.

Plaatje links: een volledige aangezichtsverlamming aan de rechter kant. Plaatje rechts: een normaal aangezicht. Bron afbeelding

De aangezichtszenuw stuurt de aangezichtsspieren aan. Deze zorgen ervoor dat het gezicht kan bewegen. De rechter- en de linkerkant van het gezicht hebben ieder een eigen zenuw. De aangezichtszenuw loopt vanuit de hersenstam door het oor. Ongeveer ter hoogte van de oorlel komt de zenuw uit het bot en loopt dan door de oorspeekselklier door richting de wang. Hier waaiert de aangezichtszenuw uit in drie grote takken:

  • De voorhoofdstak – Deze bestuurt het voorhoofd en de wenkbrauwen (zoals verbaasd of bezorgd kijken).
  • De oogtak – Deze zorgt voor bewegingen van de oogleden zoals het sluiten van de ogen en het (onwillekeurig) knipperen met de ogen.
  • De mondtak – Deze bestuurt de lippen en de neusvleugels zodat u kunt praten (articuleren), fluiten en (glim)lachen.

 

Naast het aansturen van spieren zorgt de aangezichtszenuw ook voor de smaak op het voorste deel van de tong, de traanproductie van de ogen en de speekselproductie in een deel van de mond.

Voorkomen

Naar schatting krijgt jaarlijks 1 op de 5000 mensen een aangezichtsverlamming. In Nederland zijn dat per jaar zo ’n 3200 mensen.

Klachten bij de aangezichtsverlamming

Het meest opvallend van de aangezichtsverlamming is de scheefheid van het gezicht. Deze asymmetrie is niet alleen goed zichtbaar bij bewegingen van het gezicht, maar vaak ook in rust. Dit komt doordat de aangezichtsspieren ook in rust, dus wanneer ze niet aangespannen worden, een bepaalde spierspanning (rustspanning) hebben. Deze rustspierspanning is dan minder aan de aangedane kant van het gezicht.

Meestal zijn alle 3 de grote zenuwtakken van de aangezichtszenuw samen betrokken bij de verlamming. Bij uitval van de voorhoofdstak kan de wenkbrauw niet meer omhoog worden getrokken (geen rimpels in voorhoofd) en hangt die soms laag over het ooglid.  Wanneer de oogtak het niet meer doet, dan kan het oog niet meer worden gesloten en mist het hoornvlies bescherming. En wanneer de mondtak is uitgevallen, hangt de mondhoek scheef naar beneden wat het glimlachen en fluiten onmogelijk maakt. Daarnaast is het lastig speeksel weg te slikken, te drinken uit een rietje en te praten.

Andere verschijnselen die regelmatig worden gezien zijn: een stekende aangezichtspijn, een veranderde smaak in de mond, verminderde traanproductie of gevoeligheid voor harde geluiden (hyperacusis).

 

Oorzaak en diagnose bij de aangezichtsverlamming

Ongeveer de helft van de gevallen van een aangezichtsverlamming ontstaat plotseling zonder aanwijsbare oorzaak. Patiënten staan als het ware op met een scheef gezicht (of het ontstaat in een paar uur) zonder andere verschijnselen of aanwijsbare oorzaak. Deze aandoening wordt ook de verlamming volgens Bell of ‘Bellse Parese/Paralyse’ genoemd.

In de andere helft van de gevallen wordt de oorzaak gevonden in: een ernstige middenoorontsteking, de ziekte van Lyme (overgebracht door een tekenbeet), virale aandoeningen (zoals gordelroos met blaasjes op/ rondom het oor, wang of in de mond), ongevallen (trauma), steekwonden, schedelbasisbreuk of tumoren die op de zenuw drukken.

Om achter de oorzaak van de aangezichtsverlamming te komen zal uw behandelend arts het oor, het trommelvlies, de mond en de oor speekselklier inspecteren. Soms kan er aanvullend onderzoek gedaan worden zoals een hoortest, bloedonderzoek of een CT/ MRI scan van het hoofd.

Mogelijke behandeling van bij de aangezichtsverlamming

Doorgaans treedt er na een paar weken tot maanden spontaan herstel op. De oorzaak is vaak onbekend (verlamming volgens Bell). En er is geen bewezen werkzame behandeling. Absolute rust lijkt niet noodzakelijk. Als u zich binnen 7 dagen na het ontstaan van de klachten bij de huisarts of een KNO-arts meldt, zal afhankelijk van de ernst van de verlamming overwogen worden te starten met prednison, een ontstekingsremmer.

Indien de oorzaak wordt achterhaald, zal behandeling indien mogelijk daarop gericht zijn. Dit betreft bijvoorbeeld: een ooroperatie (bij een ontstekingsproces in het rotsbeen), antivirale medicijnen (bij gordelroos), een zenuwreconstructie na zenuwletsel (bij trauma) of antibiotica (bij ziekte van Lyme).

Extra aandacht voor uw ogen
De oogknipperbeweging is aan de verlamde kant verminderd of uitgevallen. U loopt daardoor het risico dat uw oogbol uitdroogt en uw hoornvlies (blijvend) beschadigd. Een droog oog voelt branderig en is vatbaarder voor een ontsteking. Houd uw oog daarom goed vochtig. Uw behandelend arts zal kunsttranen, oogzalf en/of een horlogeglaspleister (een pleister met een kijkglaasje) voorschrijven. Als er veel wind staat kunt u beter een (zonne-)bril dragen met grote glazen. Vermijd plaatsen waar veel stuifvuil is.

Mimetherapie
Als u na 6 tot 8 maanden nog klachten houdt, kan uw behandelend arts u doorverwijzen naar mimetherapie door een gespecialiseerd fysiotherapeut of logopedist. Het doel van deze therapie is het vergroten van de symmetrie van uw gezicht en het verminderen van ongewenste meebewegingen van andere spieren in uw gezicht (synkinesien genoemd). Mimetherapie bestaat uit revalidatie-, ontspannings- en ademhalingsoefeningen en gezichtsmassage. Zo krijgt u meer controle over uw gezichtsexpressie. Dat mimetherapie werkt, is aangetoond in wetenschappelijk onderzoek. Het is wel belangrijk is dat u zelf graag deze therapie wilt en bereid bent dagelijks te oefenen.

Chirurgische behandelingen
Indien er restverschijnselen overblijven, kan plastische/ reconstructieve aangezichtschirurgie tot de behandelmogelijkheden behoren. Dit is afhankelijk van de individuele wensen van de patiënt. De behandeling kan variëren van het verhogen van de positie van de laaghangende wenkbrauw of mondhoek, een goudgewichtje in het bovenooglid om het oog beter te laten sluiten, tot reconstructies met behulp van een zenuwtransplantatie. Een normale situatie wordt met deze operaties niet bereikt, maar kan in rust wel zorgen voor een meer symmetrisch gezicht.

Verwacht beloop in de tijd van de aangezichtsverlamming
Hoelang een aangezichtsverlamming duurt, hangt af van een aantal factoren en is van tevoren niet goed te voorspellen. In het algemeen geldt dat hoe ernstiger de uitval van de zenuw, hoe groter de kans op blijvende asymmetrie van het gezicht. Ook leeftijd speelt een rol, oudere patiënten herstellen vaak minder snel en minder goed dan jongere patiënten.

Bij een gedeeltelijke uitval zien we vaak na een aantal weken een merkbare verbetering die geleidelijk doorzet. Na een volledige uitval van de zenuw kan het wel 3 tot 4 maanden duren voordat we de eerste tekenen van herstel zien. Het herstel van de zenuwactiviteit verloopt meestal langzaam, het duurt weken tot maanden. Het einde van het herstel is bij een volledige uitval van de zenuw soms pas na 1,5 jaar bereikt. De verlamming volgens Bell geneest vaak zonder behandeling spontaan binnen 6 tot 8 weken en is meestal volledig.

Slotwoord

Het is niet mogelijk om op deze voorlichtingspagina alle details van de aangezichtsverlamming te beschrijven (zie ook de tekst op de introductiepagina).

Het internet kan de individuele patiënt meestal niet volledig informeren, omdat er veel, soms tegenstrijdige, informatie kan worden gevonden. Wij raden u daarom aan al uw vragen aan uw behandelend arts te stellen, zodat – op uw persoonlijke situatie – gerichte adviezen en antwoorden kunnen volgen.

Het kan zijn, dat u ondanks de uitleg van uw KNO-arts nog vragen heeft of dat u meer informatie wilt. Aarzel dan niet contact op te nemen met uw KNO-arts en om nadere uitleg te vragen. Aan dat verzoek zal graag worden voldaan.

 

De auteursrechten op de door Medical Visuals vervaardigde illustraties die zijn opgenomen op deze website berusten bij Medical Visuals. Gebruik van deze illustraties door leden van de NVKNO of derden is aan voorwaarden onderhevig. Voor meer informatie kunt u zich wenden tot Medical Visuals (maartje@medicalvisuals.nl).