Oorschelpreconstructie
Deze pagina heeft tot doel u informatie te geven over een oorschelpreconstructie. De tekst is bedoeld als ondersteuning van het consult door de arts (KNO-, maar ook huisarts) en dient niet als vervanging van een consult. Bedenk bij het lezen dat uw gezondheidssituatie anders kan zijn dan in de tekst wordt beschreven.
Inleiding
Deze folder geeft u informatie over oorschelpreconstructies. Dit is een behandeling waarbij de oorschelp wordt hersteld of aangepast. Dit kan om verschillende redenen nodig zijn. In deze folder leest u informatie over verschillende soorten oorschelpreconstructies.
Reden voor oorschelpreconstructies
Het kan om verschillende redenen nodig zijn om de oorschelp te reconstrueren. Grofweg kunnen die redenen in een aantal groepen worden ingedeeld:
Flapoorcorrectie
Oren die meer van de schedel afstaan, worden ook wel flaporen genoemd. Bij iemand met flaporen zijn meestal beide kanten aangedaan. De oorzaak is aangeboren: een van de plooien van het oor ontwikkelt zich niet goed genoeg, waardoor het oor niet voldoende ‘terugvouwt’ tegen de schedel aan. Reden om dit te opereren is vooral cosmetisch en/of sociaal, bijvoorbeeld omdat een kind gepest wordt om zijn oren.

Aangeboren afwijkingen
In sommige gevallen is het oor bij de geboorte niet normaal van vorm. Een voorbeeld hiervan is microtie. Microtie komt van het Griekse ‘micro’ (klein) en ‘otis’ (oor). De oorschelp is dan kleiner en/of afwijkend van vorm. Bij 1 op de 6000 tot 8000 pasgeborenen is hier sprake van. Het is meestal niet erfelijk, maar kan wel voorkomen als onderdeel van een syndroom. Ook bijvoorbeeld flaporen kunnen reden zijn om de oorschelp te opereren.

Figuur 1. Verschillende vormen van microtie. Bron: Standford Medicine Otologic Surgery Atlas
Niet-aangeboren afwijkingen aan het oor
Soms is de oorschelp vervormd na een infectie of een door ongeluk. Ook moet soms bij een operatie een deel van de oorschelp worden weggenomen, bijvoorbeeld bij huidtumoren. Ook in deze gevallen is het soms wenselijk de oorschelp te reconstrueren.
Om twee redenen kan de oorschelp gereconstrueerd worden. Ten eerste een cosmetische reden. Dit betekent ‘om hoe het eruit ziet’. Een oor is erg zichtbaar en dus belangrijk. Ook kan om een ‘functionele’ reden besloten worden de operatie uit te voeren. Dat betekent dat het vooral om praktische argumenten wordt gedaan, zoals voor het dragen van een bril.
Ongeacht de reden voor de oorschelpcorrectie, verandert deze operatie niks aan het gehoor. Dit komt omdat het gehoororgaan niet in de oorschelp zit, maar dieper in de schedel.
Mogelijke operaties
Er bestaan verschillende operatietechnieken om de oorschelp te reconstrueren. Er kan gebruik worden gemaakt van lichaamseigen materiaal, van kunstmateriaal of van hechtingen.
Lichaamseigen materiaal
Van kraakbeen uit de rib kan een nieuwe oorschelp gemaakt worden. Tijdens de operatie wordt dit kraakbeen uitgenomen en in de vorm van een oorschelp gemaakt. Dit wordt vervolgens onder de huid van het hoofd aanbracht. Doordat de oorschelp onder de huid ligt, rekt de huid iets uit. Deze operatie duurt ongeveer 6 uur.
Tijdens een tweede operatie, ongeveer een hals jaar later, wordt deze nieuwe oorschelp, samen met de huid die erover heen ligt, iets los gelegd van het hoofd, net zoals een normale oorschelp. Soms wordt nog een derde operatie gedaan, om bijvoorbeeld de stand nog iets aan te passen.
Het nieuwe oor, met daarin het eigen kraakbeen, blijft in principe de rest van het leven zitten. Deze operatie wordt uitgevoerd vanaf 10 jaar. Dit is zodat de ribben groot genoeg zijn om voldoende kraakbeen te kunnen uitnemen.
Niet-lichaamseigen materiaal
Hechtingen
In het geval van flaporen kan de vorm van de oorschelp worden aangepast met alleen hechtingen. Deze operatie bestaat meestal uit twee delen. Eerst wordt wat kraakbeen weggehaald uit de ‘kom’ van de oorschelp. Hierdoor komt het oor wat dichter tegen het hoofd aan te staan. Daarna wordt de huid van het kraakbeen van de oorschelp gehaald zodat het kraakbeen bloot komt te liggen. Met hechtingen door het kraakbeen wordt het kraakbeen krommer van vorm gemaakt, zodat ook de bovenkant van de oren dichter naar het hoofd toestaan. Er wordt dus een ‘plooi’ in het oor gemaakt. Daarna wordt de huid weer gehecht.
De hechtingen die gebruikt worden zijn niet oplosbaar en blijven dus altijd zitten. Dit kan geen kwaad.

Figuur 2. Hechtingen bij een flapoorcorrectie. De hechtingen liggen onder de huid, waardoor ze niet zichtbaar zijn. Door deze hechtingen aan te trekken, ontstaat de nieuwe plooi.
Bron: Standford Medicine Otologic Surgery Atlas
Een prothese
In plaats van kraakbeen, kan ook gebruikt worden gemaakt van kunstmateriaal. Voor de oorschelp kan gebruik worden gemaakt van een ‘Medpor’-prothese. Dit is kunstmateriaal. Dit kan vanaf 4 jaar. Bij deze techniek is in principe maar één operatie nodig. Omdat de prothese niet meegroeit, kan het zijn dat een iets groter oor wordt gemaakt dan het andere oor, zodat het ‘op de groei’ is en later wel even groot is als het (dan uitgegroeide) andere oor.
Complicaties
Zoals elke operatie, kent deze behandelingen risico’s. Direct na de operatie kan het operatiegebied geïnfecteerd raken. Meestal is het nemen van antibiotica voldoende en gaat de ontsteking over. In heel zeldzame gevallen kan het nodig zijn om het kunstmateriaal weer te verwijderen.
Bij een operatie met ribkraakbeen, kan het zijn dat het nieuwe oor zijn vorm wat verliest over de tijd. Als het nodig is, kan een aanvullende operatie worden gedaan om te vorm te corrigeren.
Alternatief
U hoeft niet te kiezen voor een operatie. U kunt er ook voor kiezen om niks te doen. Er kan ook een kunstoor worden gemaakt. Dit is een oor van huidskleur siliconen. Deze kan op de huid geplakt worden.
Slotwoord
Het is niet mogelijk om op deze voorlichtingspagina alle details van een oorschelpreconstructie te beschrijven (zie ook de tekst op de introductiepagina). Het internet kan de individuele patiënt meestal niet volledig informeren, omdat er veel, soms tegenstrijdige, informatie kan worden gevonden. Wij raden u daarom aan al uw vragen aan uw behandelend arts te stellen, zodat – op uw persoonlijke situatie – gerichte adviezen en antwoorden kunnen volgen. Het kan zijn, dat u ondanks de uitleg van uw KNO-arts nog vragen heeft of dat u meer informatie wilt. Aarzel dan niet contact op te nemen met uw KNO-arts en om nadere uitleg te vragen. Aan dat verzoek zal graag worden voldaan.